Dossier: Hoe maak ik een goede woon-werkroute? Veilig naar het werk

Fietsen naar het werk kan je heel wat stress besparen. Door de auto te laten staan vermijd je onder meer files en bespaar je op je benzinekosten. Toch laten heel wat pendelaars de fiets staan omdat ze zich kwetsbaar voelen op twee wielen. Onterecht, want je kan heel makkelijk een veilige route uitstippelen naar kantoor. Hoe je dat doet? Werner De Dobbeleer van de Vlaamse Stichting Verkeerskunde (VSV) legt het uit.

‘Graag traag’, lezen we vaak op bordjes nabij scholen. Een leuze die klinkt als een klok en die automobilisten moet aansporen om niet sneller dan 30 kilometer per uur te rijden. Zo houden we het verkeer in schoolomgevingen veilig. Op je woon-werkroute wil je die straten misschien mijden omdat de drukte aan scholen je kan ophouden, maar de slogan ‘graag traag’ is zeker ook van toepassing voor fietsers op weg naar het werk.

Kies voor verkeersluwe wegen

Om een veilige route naar het werk te kiezen zoek je namelijk best naar wegen waar niet snel wordt gereden. “Op wegen voorbehouden voor wandelaars, fietsers, ruiters en landbouwverkeer en in fietsstraten is de maximumsnelheid beperkt. De zwakke weggebruiker kan daar relatief veilig door. In de bebouwde kom kies je best voor wegen waar een maximumsnelheid van 30 kilometer per uur geldt”, licht Werner De Dobbeleer toe.

“Zones 30 op je woon-werkroute zijn goed, maar eigenlijk fiets je best langs routes die verkeersluw zijn. Een dergelijke route passeert langs wegen waar weinig of geen gemotoriseerd verkeer aanwezig is. Zeker routes met zwaar vrachtverkeer mijd je best helemaal. Idealiter fiets je over trage wegen of fietssnelwegen. Op deze routes heeft het niet-gemotoriseerde verkeer de bovenhand en vaak zijn auto’s en vrachtwagens op deze wegen zelfs niet toegestaan. Dat is onder meer op fietssnelwegen het geval.”

Rijd over fietspaden

Kan je gemotoriseerd verkeer niet helemaal mijden op je route, kies dan voor wegen met fietspaden. “Als je op de rijbaan moet rijden en er passeren auto’s neemt het risico op ongevallen alleen maar toe. Je wil die stress natuurlijk vermijden. Wegen met fietspaden bieden je heel wat meer comfort en veiligheid. Bij voorkeur zijn die fietspaden ook van de rijbaan gescheiden. Fietsstroken die op de rijbaan liggen en met stippellijntjes zijn aangeduid – de zogenaamde moordstrookjes – bieden helemaal geen garantie op veiligheid.”

Mijd drukke kruispunten

Net als moordstrookjes wil je op je woon-werkroute ook drukke en onoverzichtelijke kruispunten mijden. “Zwaar vrachtverkeer vormt daar een enorm gevaar. De dode hoek van vrachtwagens is namelijk groter, met alle risico’s van dien. Het best kies je voor een route met kruispunten die conflictvrij zijn gemaakt. Een vrachtwagen die rechts moet afslaan heeft dan op een ander moment groen licht dan jij die op je fiets rechtdoor rijdt. Zo verklein je het risico op een ongeval al voor een groot deel.”

Verbeterde infrastructuur

Meer mensen op de fiets naar het werk betekent minder gemotoriseerd verkeer op de baan en dus ook minder files tijdens de spits. Daarom werd er de laatste jaren fors geïnvesteerd in fietsverbindingen. Het gaat om recordbedragen. “De Vlaamse overheid heeft tijdens de vorige legislatuur massaal nieuwe fietspaden aangelegd. Het aantal kilometers fietssnelweg nam gevoelig toe, er kwamen nieuwe fietsbruggen en daarnaast werd de huidige infrastructuur ook fel verbeterd. Deze positieve evolutie zal de komende jaren worden verdergezet.”

Toch is er nog werk aan de winkel. “Her en der merk je missende schakels. Fietspaden houden nog te vaak plots op, waardoor je op de rijbaan moet gaan fietsen. Op verschillende drukke wegen ontbreken gescheiden fietspaden en ben je dus aangewezen op moordstrookjes. Ten slotte zijn er ook nog heel wat zwarte kruispunten die van conflictvrije lichten voorzien moeten worden. Die zwarte punten staan op een lijst van de Vlaamse overheid. Gradueel werkt de overheid ze weg door lokale besturen aan te sporen om de nodige aanpassingen door te voeren. Vlaanderen maakt daar ook geld voor vrij. Dat is een werk van lange adem en eigenlijk een continu proces. Er komen steeds zwarte punten bij en dus is het werk nooit helemaal af. ”

Veiligheid begint bij jezelf

Om tot veiliger woon-werkverkeer te komen is een verbeterde fietsinfrastructuur een van de drie pijlers. Veilige fietspaden en conflictvrije kruispunten hebben hun nut bewezen, maar onvoorzichtig rijgedrag kan alle inspanningen tenietdoen. “Rijden onder invloed, onaangepaste snelheid en smartphonegebruik zorgen nog altijd voor onveilige situaties. We moeten die regels daarom handhaven en voldoende blijven sensibiliseren, wat ook gebeurt.”

Automobilisten sensibiliseren is belangrijk, maar fietsers moeten ook instaan voor hun eigen veiligheid. “Veilig naar het werk rijden betekent in de eerste plaats dat je fiets in goede staat is en dat je zichtbaar bent. Zo voorkom je al heel wat ongevallen. We porren fietsers ook aan om een fietshelm te dragen. Bij een groot deel van de fietsongevallen is er namelijk geen andere weggebruiker betrokken. Een valpartij is gauw gebeurd. Door het dragen van een fietshelm halveer je het risico op zware hoofdletsels.”

Verder moeten fietsers natuurlijk zelf ook de verkeersregels kennen. “Je kan ook als fietser gevaarlijke inhaalmanoeuvres uitvoeren of de voorrangsregels aan je laars te lappen. Daarom organiseren we met het VSV heel wat campagnes gericht op de fietsers zelf. We gaan onder meer naar bedrijven om daar opleidingen te geven aan werknemers die met de fiets naar het werk rijden. Tijdens die opleidingen leren we die pendelaars voornamelijk defensief rijden en geven we hun tips om een goede woon-werkroute uit te stippelen. We merken dat zelfs wie al tientallen jaren fietst daar nog iets van opsteekt.”

Deel dit artikel

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief

Lees ook

Lees onze magazine digitaal